
Het oplossen van het probleem met ‘koude plekken’ in meervoudiglaagse ovens
Laten we eerlijk zijn: meervoudiglaagse convectiooven kunnen behoorlijk lastig te gebruiken zijn. Je stelt de gewenste temperatuur in, maar dan is het bovenste rek extreem heet, terwijl het onderste rek nauwelijks warm is. Luchtstroom helpt wel, maar dat is vaak niet voldoende om deze kloof te overbruggen.
Wij hebben een betere oplossing gevonden. In plaats van alleen af te gaan op luchtstroom, hebben we infraroodverwarmings-elementen toegevoegd. Hierdoor heb je volledige controle over elke laag apart.
Waarom independent zones werken
Bij standaardconvectie wordt er gewoon hete lucht rondgeblazen. Dat werkt goed voor bepaalde dingen, maar zodra de oven te vol is, ontstaan er ‘koude plekken’, waar de lucht niet kan komen.
Daar komen de infraroodlampen om de hoek kijken. Ze wachten niet tot de lucht op temperatuur is; ze sturen energie rechtstreeks naar het voedsel. Het is effectief en snel.
Bovendien hebben we elke laag verbonden met zijn eigen PID-regelaar en thermocouple. Hierdoor kun je voor elk rek een andere temperatuur instellen. Je hoeft niet te werken met één standaardinstelling voor alles.
De technische details
Voor de wolfraamfilamenten gebruiken we kwartsglasbekledingen. Waarom? Omdat ze bestand zijn tegen hoge temperaturen en niet vervormen of barsten. Afhankelijk van de vermogenssterkte van je oven, kunnen we de wattage en spanning aanpassen.
Een ding om op te letten zijn de verbindingspunten. Hier gaan vaak problemen ontstaan. We gebruiken standaard R7- of SK15-bases, omdat deze stevig zitten. Een losse verbinding kan leiden tot kortsluiting, waardoor de lamp snel kapotgaat.
Als je hoge vermogens wilt gebruiken om het voedsel snel op te warmen, moet je goed opletten bij het kiezen van de draden. Je wilt immers niet dat er een spanningstekort optreedt, waardoor de efficiëntie afneemt.
De nadelen (want niets is perfect)
Het grootste voordeel van infraroodverwarming is dat het snel werkt. Zodra je het apparaat aanzet, wordt het meteen heet. Zodra je het uitzet, koelt het weer snel af. Dit is beter dan wachten tot de gewone verwarmingselementen langzaam op temperatuur komen.
Maar er is ook een nadeel: infraroodstraling heeft alleen effect op objecten die in het zicht van de lampen liggen. Als je de bakplaten te vol legt, bereikt de straling alleen de bovenkant van het voedsel. De middelste delen blijven dan koud. Daarom heb je nog steeds convectiefanaten nodig. Zij zorgen ervoor dat de lucht goed circuleert, zodat ook de zijkanten van het voedsel worden opgewarmd.
Het is belangrijk om het juiste evenwicht te vinden tussen de intensiteit van de infraroodstraling en de snelheid van de ventilatoren. Als je dit goed doet, zal het voedsel gelijkmatig opwarmen.